Reisverhalen

van Joppe

Kandidaat Editie 1 en Reisleider Edities 5 en 7.

Geschreven door Jaleesa van der Velden.

Joppe: "Ik was super fanatiek"

Als klein jongetje maakte Joppe zelf Wie is de Mol spelletjes voor vrienden en familie. Je zou wel kunnen zeggen dat hij een grote fan is van het programma. Dit jaar mag hij mee als presentator op een Spot de Eekhoorn reis. Ooit deed hij zelf mee als kandidaat, nadat Debbie een aantal vrienden had verzameld om haar nieuwe spelidee te testen. Dit gesprek vond plaats vlak voordat Joppe begon aan zijn grote presentatieklus.

‘Komende zondag vertrek ik als begeleider samen met Debbie. Ik heb dat al een paar keer gedaan. Dan ondersteunde ik haar. Bijvoorbeeld door boodschappen te doen of content te maken. Nu zijn de rollen een beetje omgedraaid en doe ik vooral de speluitleg.’ Hij lacht. ‘Maar de geniale ideeën zitten echt bij haar hoor. Zij bedenkt alles.’

Wat er allemaal gaat gebeuren op die reis kan Joppe natuurlijk nog niet zeggen. ‘Je vertrekt eigenlijk met een groep onbekenden of met een groep vrienden.
Je weet eigenlijk alleen maar het land waar je naartoe gaat. Verder niks. Je verzamelt vaak op een plek waar je dan met z'n allen vertrekt in de bus. En vanuit daar begint het spel eigenlijk al.’

Zelf herinnert hij vooral de spanning die het spel met zich meebrengt. ‘Ik was superfanatiek. Vanaf minuut één al eigenlijk,’ vertelt hij trots. ‘De molboekjes lagen op
Debbie’s kamer en daarbovenop lag een joker. We moesten in Debbie’s kamer wat spullen pakken. Dus ik zie die joker daar liggen. Het eerste wat ik doe is de joker pakken en verstoppen. En toen zat mijn hart al in mijn keel, haha.’

Dat beschrijft goed de uitdaging die je aangaat als deelnemer. ‘Je vertrouwt niemand. Je ervaart volledig wat mensen altijd op tv zeggen. Er zijn ook opdrachten bij die je allemaal apart, afzonderlijk van elkaar moet doen. En dan komt een groepje terug met iets compleet anders dan de andere. Dan denk je: zijn die dan aan het mollen of niet? Kan ik je wel vertrouwen, want je zegt iets compleet anders dan wat ik heb gezien.’

Maar dit element maakt het spel ook zo leuk, volgens Joppe. ‘We kregen tijdens een opdracht een puzzel te zien als voorbeeld op een doos. En de bedoeling was om die
puzzelstukjes op de juiste plek van de puzzel neer te leggen. Maar iedereen had maar één derde van de puzzel. Je moest met elkaar communiceren van waar je dan dacht dat de puzzelstukjes zouden moeten liggen. Dus dat was een zeer chaotische maar leuke opdracht.’

De eerste test en executie overleefde hij. ‘Dat is echt de leukste herinnering.’ Maar halverwege het spel moest die toch het speelveld ruimen. ‘Ik ben er eigenlijk uitgevlogen door mijn bondje. Op een gegeven moment hadden we afgesproken dat ik ging gokken. Als ik eruit vloog, wist mijn bondje wie het in ieder geval niet was. En dat werkte, want mijn bondje haalde de finale. Jammer voor mij alleen, maar het was wel een goed bondje.’